BehandelingDe ziekte gaat niet ‘gewoon’ over en is ook niet te genezen. Wel is ze goed te behandelen. Met behandeling kunnen mensen met een manisch-depressieve stoornis over het algemeen een tamelijk ‘normaal’ leven leiden. Lotgenotencontact en zelfzorg zijn daarbij belangrijk.
Medicijnen in combinatie met therapie Het is belangrijk de behandeling met medicijnen te combineren met psycho-educatie, gesprekstherapie of lotgenotencontact. Deze helpen iemand met een manisch-depressieve stoornis beter inzicht te krijgen in zijn ziekte en zich meer bewust te worden van zijn stemming. Therapie Therapie helpt om de signalen te leren herkennen die op het uitbreken van een nieuwe episode (manische of depressieve periode) kunnen wijzen. Daardoor kan op tijd ingegrepen worden en kunt u situaties die een nieuwe episode kunnen uitlokken, vermijden. Ook leert u hoe u uw stemming kunt beïnvloeden. En hoe u kunt leven met de beperkingen en mogelijkheden van uw ziekte. Vaak draagt therapie eveneens bij aan een goed medicijngebruik. Medicijnen Medicijnen spelen een belangrijke rol bij de behandeling van de manisch-depressieve stoornis. Ze helpen de stemmingswisselingen onder controle te brengen. Tijdens een manische periode of een depressie kunnen ze de verschijnselen verminderen. In normale periodes helpen ze een volgende ‘uitbraak’ te voorkomen. Blijven gebruiken Bij ongeveer 70% van de mensen met een manisch-depressieve stoornis heeft behandeling met medicijnen effect. De medicijnen kunnen de manisch-depressieve stoornis echter niet genezen. Daarom moeten ze voor lange tijd worden geslikt. Stoppen betekent meestal een grote kans op een nieuwe manische of depressieve periode. Gebruik uw medicijnen dus regelmatig en stop nooit zonder eerst met uw behandelaar te hebben overlegd. Juiste dosis Het meest gebruikte medicijn is lithium. Het zorgt voor een stabielere stemming en helpt een nieuwe episode te voorkomen. Bij dit medicijn is het erg belangrijk de exacte effectieve dosis te vinden. Dat kost enige tijd. Er is regelmatig bloedcontrole nodig om te kijken wat de werkzame hoeveelheid lithium in het bloed is. Andere vergelijkbare medicijnen die gebruikt kunnen worden zijn carbamazepine en valproaat. Antipsychotica Tijdens een manische periode kan de behandelaar zogenaamde antipsychotica of neuroleptica voorschrijven. Deze middelen verminderen verschijnselen zoals grootheidswanen en werken kalmerend. Daardoor wordt de gebruiker rustiger, slaapt hij beter en is beter te begrijpen. Antidepressiva In een depressieve periode kan de behandelaar een antidepressivum voorschrijven om de depressieve gevoelens te bestrijden. Dit gebeurt echter met enige terughoudendheid, omdat antidepressiva soms een manie kunnen opwekken. Slaapmiddelen Soms worden tijdelijk kalmerings-of slaapmiddelen voorgeschreven. Deze middelen werken direct. Ze kunnen een aantal symptomen van de manisch-depressieve stoornis verminderen, zoals slapeloosheid, angst, spanning en onrust. Tijdens de manische periode versterkt slaapgebrek de manie. Een slaapmiddel kan deze remmen. Meestal worden slaapmiddelen niet langer dan enkele weken gebruikt. Opname Soms is opname in een psychiatrisch ziekenhuis nodig, met name wanneer er acuut levensgevaar dreigt door gedachten aan zelfdoding tijdens een depressie of gevaarlijk gedrag tijdens een manie. Tot zo’n opname wordt besloten in samenspraak met de patiënt, de huisarts, de behandelaar en de familie.
|
|
|
Disclaimer & Privacybeleid | Sitemap Copyright 2012 Fonds Psychische Gezondheid |