Hoe ontstaat een dwangstoornis?


Een dwangstoornis ontstaat meestal door een combinatie van lichamelijke oorzaken, wat u meemaakt in uw leven en uw persoonlijke eigenschappen. Een dwangstoornis ontstaat vaak al op jonge leeftijd, gemiddeld tussen 8 en 18 jaar en vaak voor het 25e jaar.

 

Lichamelijke oorzaken
Een belangrijke lichamelijke oorzaak is erfelijkheid. Komen dwangstoornissen bij u in de familie voor? Dan heeft u een grotere kans om een dwangstoornis te krijgen. Ook hebben sommige mensen meer aanleg voor dwangstoornissen. Dit komt doordat bepaalde processen in hun hersenen anders lopen dan bij andere mensen. 

 

Wat u meemaakt in uw leven
Goede of slechte ervaringen of gebeurtenissen die uw leven opeens erg veranderen, kunnen ervoor zorgen dat u een dwangstoornis krijgt. Voorbeelden daarvan zijn het verlies van uw partner, ontslag of een verhuizing.

 

Uw persoonlijke eigenschappen
Bepaalde persoonlijke eigenschappen kunnen iemand extra vatbaar maken voor het krijgen van een dwangstoornis. U bent bijvoorbeeld snel angstig of u heeft veel behoefte aan veiligheid en controle.

 

Een dwangstoornis ontstaat meestal zonder dat u het in de gaten heeft. Vaak ontstaat het nadat u ontdekt dat bepaalde gedachten of handelingen helpen tegen de angst en onrust bij vervelende of angstige situaties. Daarna gebruikt u in vergelijkbare situaties dezelfde gedachten of handelingen. Steeds vaker, totdat u de oorspronkelijke vervelende of angstige situatie vergeten bent. U moet de gedachte of handeling uitvoeren omdat er anders een ondraaglijke angst ontstaat.

 

Daarna gebeurt steeds weer hetzelfde. U heeft steeds angstige gedachten, u denkt bijvoorbeeld dat het huis ontploft omdat de gaskraan open staat. Ook al heeft u dat net nog gecontroleerd. U heeft geen rust. Misschien kunt u even de angst negeren, maar na een tijdje worden de angst en onrust ondraaglijk. De enige oplossing voor u is opnieuw controleren of de gaskraan dicht is. Dat lucht eventjes op. Maar na een tijd begint het hele proces weer opnieuw.